LW Actualiteiten

Terug

Representativiteit van vakbonden: telt alleen de grootste?

datum: 25 april 2017

De kantonrechter Haarlem deed twee weken geleden een bijzondere uitspraak (Federatie Nederlandse Vakbeweging/Transavia Airlines C.V., link) over een kwestie inzake de representativiteit van vakbonden. Het is opmerkelijk dat over deze uitspraak in vakbondskringen (buiten FNV, die in onderhavige zaak van de kantonrechter gelijk kreeg) geen beroering is ontstaan. De uitspraak zet immers de bijl in de wortel van de vakbeweging.
 

Waarover ging de zaak?

Voor ca. 600 man grondpersoneel van Transavia geldt de CAO Transavia Grondpersoneel. 200 van die werknemers zijn aangesloten bij een vakbond. Daarvan is ca. een derde FNV-lid. FNV was, naast de overige (kleinere) bonden, partij bij de CAO 2011-2013. Deze CAO is (pas) op 28 januari 2016 formeel opgezegd door Transavia.

Inmiddels was op 7 oktober 2015 een CAO 2013-2016 afgesloten. Daarbij was FNV geen partij. De Unie, CNV en de NLVT (de categorale bond voor technici) wel. De arbeidsovereenkomsten voor het grondpersoneel van Transavia bevatten een zogenoemd dynamisch incorporatiebeding. Dit beding ziet niet alleen op de incorporatie van de CAO die gold op het moment van aangaan van de individuele arbeidsovereenkomst, maar ook op de opvolgende versies van die CAO.

FNV-leden wensen niet akkoord te gaan met de CAO 2013-2016 omdat daarin een aantal verslechteringen is opgenomen. Ze stellen daarom nu dat de vernieuwde CAO niet op hen van toepassing is.
 

Incorporatiebeding buiten werking gesteld!

Transavia stelt dat het incorporatiebeding deel uitmaakt van een modelarbeidsovereenkomst, opgesteld door CAO-partijen. Volgens Transavia leidt dat op grond van de "geobjectiveerde uitlegleer" tot toepasselijkheid van het incorporatiebeding, en dus zouden alle werknemers, ook de FNV-leden onder hen, vallen onder de werking van de vernieuwde CAO. Toch bepaalt de kantonrechter anders. Op basis van de in het arrest DSM/Fox geformuleerde "gecombineerde uitleg-leer" construeert de kantonrechter dat de leden van de FNV ten tijde van het tekenen van de arbeidsovereenkomst met het incorporatiebeding er van mochten uitgaan dat eventuele toekomstige CAO's zouden worden gesloten met representatieve vakbonden. Vervolgens stelt de kantonrechter dat de NLVT als CAO-partij onvoldoende representatief is omdat alleen technici lid kunnen worden. En bijna in één adem worden De Unie en CNV via enig gegoochel met cijfers gediskwalificeerd als te klein (<10% organisatiegraad) om representatief te zijn.

Dit betekent onder meer dat de oude CAO 2011-2013 onverminderd van toepassing is gebleven op de FNV-leden tot 1 mei 2016. Ook daarna gelden de arbeidsvoorwaardelijke bepalingen uit die CAO voor de FNV-leden nu deze bepalingen door de incorporatie van de oude CAO nawerken.
 

Klap in het gezicht

Dat deze vernieuwde ondernemings-CAO niet rechtstreeks geldt voor FNV-leden is begrijpelijk, maar dat de kantonrechter ook het incorporatiebeding buiten werking stelt op basis van een lage organisatiegraad bij twee van de drie vakbonden waarmee de vernieuwde CAO werd afgesloten, is een klap in het gezicht van de kleinere bonden.
 

Conclusie

Het lijkt er op dat de kantonrechter zich heeft laten leiden door het adagium "alleen de grootste telt". Daarmee begeeft de rechtspraak zich op een hellend vlak. Tot nu toe worden ook kleinere bonden onvoorwaardelijk toegelaten tot CAO-overleg en door werkgevers altijd serieus genomen als volwaardige onderhandelingspartij.

Op basis van deze uitspraak van de kantonrechter zouden werkgevers in bepaalde situaties wel eens tot de conclusie kunnen komen dat ze niet wensen te onderhandelen met vakbonden omdat
ze niet aan een bepaald (onduidelijk) getalscriterium voldoen. In een tijd van teruglopende ledentallen bij vakorganisaties is dat voor de (nu) kleinere vakbonden schadelijk, maar ook FNV komt in lang niet alle bedrijven en/of bedrijfstakken boven de 10% organisatiegraad uit. Dus moet ook FNV zich op basis van deze uitspraak ernstig zorgen maken. Toch bijzonder dat de rechter, waarschijnlijk onbedoeld, zo meewerkt aan de uitholling van belangrijke rechten van de vakbeweging.
 

Tips voor de praktijk:

  • Alvorens een CAO te sluiten met slechts een deel van de betrokken vakbonden: check de representativiteit van de bonden waarmee wordt onderhandeld. Voorkom daarmee dat nieuwe CAO-afspraken slechts voor een deel van de werknemers geleden;
  • Check de tekst van het in de onderneming gehanteerde incorporatiebeding. Voor je het weet is dat immers niet toereikend ten aanzien van een deel van de werknemers.

 

Auteur: Peter Lindenbergh 

Representativiteit van vakbonden: telt alleen de grootste?